Skip to main content

Er zijn steeds vaker ontwikkelingen en situaties die onze samenleving ontwrichten en die ons dwingen om na te denken over onderwerpen die raken aan de zingeving en effectiviteit van ons handelen. Covid-19 was zo’n disruptie en ook de oorlog in de Ukraine maakt dat wij bij onszelf te rade gaan. Dat geldt voor de politiek, voor het bedrijfsleven, voor de wetenschap, voor de burgers maar zeker ook voor de filantropie, de wereld van vermogensfondsen en goede doelen, samen door mij aangeduid als fondsen. Fondsen stellen zich tegenwoordig veel vragen. Ik zie dat door mijn intensieve betrokkenheid bij fondsen en maatschappelijke organisaties in binnen- en buitenland, bij families en family offices en bij bedrijven die actief zijn op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemen of die beschikken over een bedrijfsfonds. Natuurlijk werden veel vragen ook al besproken voor Covid-19 uitbrak en de oorlog in de Ukraine begon, maar deze ontwrichtende ontwikkelingen zijn wel degelijk een katalysator geweest in dat proces van interne discussies, ze hebben deze discussies om bestaande praktijken tegen het licht te houden bovendien versneld.

Om wat voor vragen over het eigen functioneren gaat het bijvoorbeeld? Laat me slechts een kleine greep doen uit een grote bak met onderwerpen. In de Covid-19 periode vroegen veel fondsen zich af of het niet beter zou zijn om van projectfinanciering over te stappen op een combinatie van projectfinanciering en institutionele financiering. De oorlog in de Ukraine heeft tot een discussie onder vermogensfondsen geleid om niet alleen naar de lange termijn te kijken maar ook gelden beschikbaar te stellen voor noodhulp. Bij goede doelen, die zich richten op noodhulp is de discussie juist of men niet ook moet kijken naar het voorkómen van rampen of het versterken van ‘disaster-preparedness’. Omdat juist in deze tijd de behoefte aan privaat geld voor het publieke doel groot is, gezien de uitdagingen waar de samenleving voor staat, is de vraag of fondsen er wel ‘in perpetuity’ willen zijn. Of dat men als fonds nu meer wil uitgeven dan gebruikelijk met het risico dat de reële koopkracht van reserves of een ‘endowment’ in de toekomst naar beneden gaat. Met andere woorden ‘perpetuity’ op welk niveau? De oorlog in de Ukraine en Covid-19 hebben duidelijk gemaakt hoe belangrijk het is om te beschikken over onafhankelijke media, over betrouwbare en voor het publiek toegankelijke informatie. “Fake news’ leidt niet tot een geïnformeerde samenleving: fondsen kunnen hierbij een belangrijke rol spelen door hoogwaardige publieksinformatie over hun werk te leveren. En dat wordt ook gedaan. Covid-19 heeft het besef vergroot dat alles met alles is verbonden en dat we de missie van een fonds, of dat nu onderwijs, of gezondheidszorg of cultuur is, niet los kunnen zien van de wijdere ontwikkelingen van omgeving en klimaat. Plotseling komt ook het ESG (duurzaam)-beleggen van vermogens van fondsen in een versnelling.

In mijn boek ‘Filantropie terug naar de Tekentafel’ bied ik een toekomstagenda aan voor fondsen om te komen tot zelfreflectie. Dit is ook belangrijk omdat filantropie steeds meer gedwongen wordt haar toegevoegde waarde voor de samenleving duidelijk te maken nu zij steeds meer in beeld komt als maatschappelijke kracht die bijdraagt aan kleine en grote problemen, terwijl er tegelijkertijd sprake is van maatschappelijk wantrouwen. Ik wil het debat in de fondsenwereld voeden, niet door een droge opsomming van agendapunten die men kan afvinken. Wat ik heb willen doen is de lezer (besturen, management en staf van fondsen) inspireren om te komen tot introspectie over een aantal vragen. Ik heb die vragen opgedeeld in een aantal blokken die samenhangen en die het conceptuele kader vormen van het boek. De blokken zijn:

  • Legitimering en de ‘license to operate’
  • Relaties met de ‘grantee’ en de lokale gemeenschap
  • Werken in partnerschap of solo gaan
  • Opkomende nieuwe beleidsthema’s
  • Effectieve filantropie en bestedingen
  • Beleggingen en de relatie met bestedingen
  • Bedrijfsvoering: structuren, procedures, bestuur, stijl en cultuur
  • Relatie tussen filantropie en wetenschappelijk onderzoek
  • Relatie tussen filantropie en de overheid (‘performance versus compliance’)

‘Filantropie terug naar de Tekentafel’, dat een breed spectrum van vragen over de filantropie aan de orde stelt, zou gezien kunnen worden als louter relevant voor het functioneren van de fondsen zelf. Dat is niet wat ik beoog. De inhoud dient een veel breder maatschappelijk belang. De focus mag dan liggen op de filantropie, maar dat is wel in een context waarbij filantropie zich ontwikkelt in relatie met andere partijen, zoals de overheid, het bedrijfsleven en de gemeenschap. Ook zij vormen de doelgroepen op wie ik mij richt en ook voor hen is de inhoud van mijn boek relevant.

Als fondsen de door mij uitgewerkte onderwerpen zouden gebruiken om eenmalig op de hei te gaan zitten in een ‘retreat’ (een ‘retreat’ die heel vaak plaats vindt op de 10e verdieping van een kantoorgebouw in de Randstad met de aanwezigen in spijkerbroek) om de strategie tegen het licht te houden en om vervolgens over te gaan tot de orde van de dag, dan heb ik mijn doel niet bereikt. Mijn pleidooi is dat een proces van zelfreflectie een meer structureel onderdeel van de bedrijfscultuur moet worden. Disrupties zullen vaker voorkomen of het nu gaat over klimaat, migratie of de gevolgen van extreme verschillen tussen arm en rijk. Dat maakt een regelmatige gang naar de tekentafel en een pittig debat zowel wenselijk als noodzakelijk.

Zoals gezegd wilde ik niet komen met een gortdroge lijst met agendapunten om te bespreken maar wil ik voor een veelheid van relevante onderwerpen fondsen inspireren tot zelfreflectie en creativiteit. Ik kom met suggesties, maar mijn suggesties hoeven niet te worden omarmd. Creativiteit heeft voor mij niet te maken met het accepteren van een idee dat als nieuw of vernieuwend kan worden gezien, maar met het vermogen om dergelijke ideeën te verwerpen. Het gaat om het proces van zelfreflectie en dat is essentieel om fondsen toekomstbestendig te maken.

This article is also published by the Dutch Digital Platform on Philanthropy and Social Investments ‘De Dikke Blauwe’ (Walburg Press).

Reserveer mijn boek nu